Problemen herkennen, oplossen en zo mogelijk voorkomen

Problemen herkennen,
oplossen en zo mogelijk
voorkomen
Pijnlijke tepels en kloven

Gevoelige tepels zijn de eerste twee weken normaal. De spiertjes in de tepel worden uitgerekt, waardoor de tepels licht gevoelig kunnen reageren.

Kapotte tepels ofwel kolven, horen echter niet bij borstvoeding geven.

Kapotte tepels kunnen komen door:

  • aanlegproblemen;
  • zuigproblemen;
  • overgevoeligheid voor crème;
  • spruw.

Diegene die voor u zorgt zal samen met u proberen te achterhalen wat de oorzaak is en hoe dit op te lossen. Zo nodig wordt er een lactatiekundige ingeschakeld in overleg met u.

Borstontsteking

Hoe herkent u een borstontsteking?

Ontdek op tijd een verstopt melkkanaaltje. Dit kan namelijk het begin zijn van een borstontsteking.

  • Controleer uw borsten regelmatig op harde, pijnlijke of rode plekken.
  • Geef de borst die pijn doet als eerste, of kolf deze borst. Zorg dat de borst goed leeg is.
  • Masseer de verstopping weg, masseren doet u met de hand richting de tepel.
  • Verwarm u borst, hierdoor verwijden de melkkanalen zich en kan de melk beter doorstromen.

Blijft een verstopt melkkanaaltje bestaan dan kan dit overgaan in een borstontsteking.

Een borstontsteking kan ook ontstaan door bacteriën die via de tepel binnen komen.

Heeft u een borstontsteking?

  • Het pijnlijk, warm en gespannen en een deel van de borst kan rood zijn.
  • U voelt zich ziek, zoals bij een griep en mogelijk heeft u hoge koorts.
  • Doe het rustig aan en neem rust.
  • Leg de baby vaak aan. Ook als het pijn doet.  Het is belangrijk dat de melk kan doorstromen en dat de borsten leeg  zijn. Uw baby mag de melk gewoon drinken.
  • Voor u gaat voeden kan het prettig zijn om  warme kompressen op de plek te leggen en na de voeding geeft een koud  kompres verlichting.
  • Overleg of u pijnstillers mag gebruiken.

Na de kraamperiode een borstontsteking

Overleg met de huisarts als;

  • De klachten niet minder worden.
  • U langer dan 24 uur koorts heeft (meer dan 38 graden).
  • Uw borsten steeds goed leeggedronken worden maar de klachten blijven.
  • Overleg zo nodig met een lactatiekundige.

Soms schrijft de huisarts antibiotica voor. Meestal kunt u hier gewoon mee voeden.

Spruw

Drinkt u baby slecht? Laat hij de borst vaak  los? Of huilt hij veel? Mogelijk heeft uw baby spruw. Spruw is een  gistinfectie die een aanslag of witte vlekjes op de tong geeft. 

Overleg met de verloskundige of na de kraamtijd met de huisarts of lactatiekundige.

Huilen

Op sommige dagen kan uw baby meer huilen dan  anders. Meestal is dat rond de 10 tot 14 dagen, zes weken en 3 maanden.  Vaak wordt gedacht dat de melkproductie ontoereikend is, maar andere  oorzaken spelen veel eerder een rol, zoals verder ontwikkelen van de hersenen en darmen. 

De oorzaak hoeft u dus niet direct in het voeden aan de borst te zoeken.

Ook al ligt de oorzaak meestal niet aan te lage productie, toch is het verstandig de baby zo vaak als hij wil aan te leggen, hem te troosten.

U kunt op deze dagen het beste uw ritme aanpassen en zorgen voor rust en gemak voor u zelf.

Huilen is daarnaast ook een communicatiemiddel. Het kan betekenen:

  • honger;
  • vieze/natte luier;
  • pijn/kramp;
  • te koud/te warm;
  • eenzaam;
  • overprikkeld.

Kijk of u de oorzaak kunt vinden en verhelpen. Is de oorzaak onduidelijk blijf dan vooral zelf rustig. Houd de baby tegen u aan, zing rustig voor hem, geef ritmische tikjes op de luier, wieg hem of loop met hem.

Meestal is er geen medische oorzaak voor het huilen.

Als u zich ongerust maakt over het huilen, maak dat dan kenbaar bij uw verloskundige, huisarts of het consultatiebureau.

Bijvoeden

Bijvoeden bij een gezonde voldragen baby is  niet nodig. De eerste 2 dagen hebben zij nog reserves genoeg meegekregen  uit de zwangerschap. Het afvallen van de baby de eerste dagen komt  doordat het kind het vocht uit plast, meconium loost en energie  verbruikt. 

Op de afdeling Verloskunde van het UMC Utrecht en het UVC wordt de baby dagelijks gewogen.

Als het kind 8% is afgevallen op de 3e dag, krijgt uw baby bijvoeding van afgekolfde melk of kunstvoeding.

Er moet bekeken worden wat de oorzaak van het  afvallen kan zijn, om zo maatregelen te kunnen nemen. Bijvoeden wordt meestal gedaan met een cupje. Als er bijvoeding gegeven wordt, wordt er altijd gestart met kolven.

Afkolven van moedermelk

Er zijn verschillende redenen om te kolven en  er zijn veel soorten kolven. Mocht u baby ziek en of te vroeg geboren  vraag dan om de digitale folder ‘Moedermelk afkolven’. 

Als u kind gezond is en het kan rechtstreeks aan de borst drinken hoeft u de eerste weken geen melk af te kolven,  tenzij er een reden is om bijvoeding aan uw baby te geven. Wij adviseren  dan erbij te kolven om de productie goed op gang te brengen.

Vanaf 5 weken is het zinvol om naast de  borstvoeding ook wat melk af te kolven en dit in een flesje met een  speen aan te bieden. De eerste keren is 20-30 cc voldoende. Bijvoorbeeld  na de ochtend voeding dan zit er de meeste melk in de borsten. Op deze  manier kan uw kind er aan wennen om ook via de fles te leren drinken en  krijgt toch uw waardevolle melk. Ook als blijkt dat uw kind dit kan is  het goed om dit een paar keer per week te blijven doen anders bestaat de kans dat uw kind het weer verleerd.

De keus voor een kolf is persoonlijk. Er zijn  handkolven, enkele en dubbele elektrische kolven Voor verder informatie  over bijvoorbeeld kolven tijdens werk verwijzen wij u naar de Borstvoedingorganisatie La Leche league.

Problemen herkennen,
oplossen en zo mogelijk
voorkomen
Pijnlijke tepels en kloven

Gevoelige tepels zijn de eerste twee weken normaal. De spiertjes in de tepel worden uitgerekt, waardoor de tepels licht gevoelig kunnen reageren.

Kapotte tepels ofwel kolven, horen echter niet bij borstvoeding geven.

Kapotte tepels kunnen komen door:

  • aanlegproblemen;
  • zuigproblemen;
  • overgevoeligheid voor crème;
  • spruw.

Diegene die voor u zorgt zal samen met u proberen te achterhalen wat de oorzaak is en hoe dit op te lossen. Zo nodig wordt er een lactatiekundige ingeschakeld in overleg met u.

Borstontsteking

Hoe herkent u een borstontsteking?

Ontdek op tijd een verstopt melkkanaaltje. Dit kan namelijk het begin zijn van een borstontsteking.

  • Controleer uw borsten regelmatig op harde, pijnlijke of rode plekken.
  • Geef de borst die pijn doet als eerste, of kolf deze borst. Zorg dat de borst goed leeg is.
  • Masseer de verstopping weg, masseren doet u met de hand richting de tepel.
  • Verwarm u borst, hierdoor verwijden de melkkanalen zich en kan de melk beter doorstromen.

Blijft een verstopt melkkanaaltje bestaan dan kan dit overgaan in een borstontsteking.

Een borstontsteking kan ook ontstaan door bacteriën die via de tepel binnen komen.

Heeft u een borstontsteking?

  • Het pijnlijk, warm en gespannen en een deel van de borst kan rood zijn.
  • U voelt zich ziek, zoals bij een griep en mogelijk heeft u hoge koorts.
  • Doe het rustig aan en neem rust.
  • Leg de baby vaak aan. Ook als het pijn doet.  Het is belangrijk dat de melk kan doorstromen en dat de borsten leeg  zijn. Uw baby mag de melk gewoon drinken.
  • Voor u gaat voeden kan het prettig zijn om  warme kompressen op de plek te leggen en na de voeding geeft een koud  kompres verlichting.
  • Overleg of u pijnstillers mag gebruiken.

Na de kraamperiode een borstontsteking

Overleg met de huisarts als;

  • De klachten niet minder worden.
  • U langer dan 24 uur koorts heeft (meer dan 38 graden).
  • Uw borsten steeds goed leeggedronken worden maar de klachten blijven.
  • Overleg zo nodig met een lactatiekundige.

Soms schrijft de huisarts antibiotica voor. Meestal kunt u hier gewoon mee voeden.

Spruw

Drinkt u baby slecht? Laat hij de borst vaak  los? Of huilt hij veel? Mogelijk heeft uw baby spruw. Spruw is een  gistinfectie die een aanslag of witte vlekjes op de tong geeft. 

Overleg met de verloskundige of na de kraamtijd met de huisarts of lactatiekundige.

Huilen

Op sommige dagen kan uw baby meer huilen dan  anders. Meestal is dat rond de 10 tot 14 dagen, zes weken en 3 maanden.  Vaak wordt gedacht dat de melkproductie ontoereikend is, maar andere  oorzaken spelen veel eerder een rol, zoals verder ontwikkelen van de hersenen en darmen. 

De oorzaak hoeft u dus niet direct in het voeden aan de borst te zoeken.

Ook al ligt de oorzaak meestal niet aan te lage productie, toch is het verstandig de baby zo vaak als hij wil aan te leggen, hem te troosten.

U kunt op deze dagen het beste uw ritme aanpassen en zorgen voor rust en gemak voor u zelf.

Huilen is daarnaast ook een communicatiemiddel. Het kan betekenen:

  • honger;
  • vieze/natte luier;
  • pijn/kramp;
  • te koud/te warm;
  • eenzaam;
  • overprikkeld.

Kijk of u de oorzaak kunt vinden en verhelpen. Is de oorzaak onduidelijk blijf dan vooral zelf rustig. Houd de baby tegen u aan, zing rustig voor hem, geef ritmische tikjes op de luier, wieg hem of loop met hem.

Meestal is er geen medische oorzaak voor het huilen.

Als u zich ongerust maakt over het huilen, maak dat dan kenbaar bij uw verloskundige, huisarts of het consultatiebureau.

Bijvoeden

Bijvoeden bij een gezonde voldragen baby is  niet nodig. De eerste 2 dagen hebben zij nog reserves genoeg meegekregen  uit de zwangerschap. Het afvallen van de baby de eerste dagen komt  doordat het kind het vocht uit plast, meconium loost en energie  verbruikt. 

Op de afdeling Verloskunde van het UMC Utrecht en het UVC wordt de baby dagelijks gewogen.

Als het kind 8% is afgevallen op de 3e dag, krijgt uw baby bijvoeding van afgekolfde melk of kunstvoeding.

Er moet bekeken worden wat de oorzaak van het  afvallen kan zijn, om zo maatregelen te kunnen nemen. Bijvoeden wordt meestal gedaan met een cupje. Als er bijvoeding gegeven wordt, wordt er altijd gestart met kolven.

Afkolven van moedermelk

Er zijn verschillende redenen om te kolven en  er zijn veel soorten kolven. Mocht u baby ziek en of te vroeg geboren  vraag dan om de digitale folder ‘Moedermelk afkolven’. 

Als u kind gezond is en het kan rechtstreeks aan de borst drinken hoeft u de eerste weken geen melk af te kolven,  tenzij er een reden is om bijvoeding aan uw baby te geven. Wij adviseren  dan erbij te kolven om de productie goed op gang te brengen.

Vanaf 5 weken is het zinvol om naast de  borstvoeding ook wat melk af te kolven en dit in een flesje met een  speen aan te bieden. De eerste keren is 20-30 cc voldoende. Bijvoorbeeld  na de ochtend voeding dan zit er de meeste melk in de borsten. Op deze  manier kan uw kind er aan wennen om ook via de fles te leren drinken en  krijgt toch uw waardevolle melk. Ook als blijkt dat uw kind dit kan is  het goed om dit een paar keer per week te blijven doen anders bestaat de kans dat uw kind het weer verleerd.

De keus voor een kolf is persoonlijk. Er zijn  handkolven, enkele en dubbele elektrische kolven Voor verder informatie  over bijvoorbeeld kolven tijdens werk verwijzen wij u naar de Borstvoedingorganisatie La Leche league.

Over ons

'De beste zorg voor nu en in de toekomst'



Omdat ieder mens de beste zorg verdient, legt het UMC Utrecht de lat voortdurend hoog. Het resultaat: vernieuwende, toonaangevende behandelingen die beantwoorden aan de zorgbehoeften van nu en de toekomst. De bijzondere kennis die hiervoor nodig is, ontwikkelen we samen met patiënten(organisaties) en diverse partners. In teamverband werken we aan oplossingen voor grote, medische vraagstukken. Per individuele patiënt wordt gekeken welke behandeling bij hem of haar past. Alles wat wij doen, is erop gericht om mensen gezond te maken en te houden. En waar mogelijk ziekte te voorkomen.

Contact

U kunt algemene informatie opvragen over
het UMC Utrecht via:

E-mail info@umcutrecht.nl of via
Telefoonnummer 088 75 555 55
Website www.umcutrecht.nl

of vul het contactformulier hieronder in:
Vul je naam in
Vul een correct e-mailadres in
Vul een opmerking in
Bedankt, je bericht is verzonden.
Er ging iets mis met het verzenden van het formulier. Probeer het opnieuw.

Zoeken

Zoek via een zoekterm naar een pagina binnen deze publicatie.
Vul minimaal 3 karakters in.

UMC Utrecht

Bekijk hier alle publicaties die over en door het UMC Utrecht gemaakt zijn.

Over Epilepsiechirurgie
Slaapproblemen
Het UMC Utrecht in 2019
Overview Infection & Immunity 2019
FAG_PAG
Jaaroverzicht Genetica 2019
Zwanger van een (te) kleine baby
Voeding voor uw baby
Telebaby
Borstvoeding
Open ductus Botalli
Neonatale convulsies
Necrotiserende enterocolitis (NEC)
Idiopathic respiratory distress syndrome
Bronchopulmonale dysplasie
Fototherapie
Vaginale kunstverlossing
Zwangerschap & Bevalling
Sterilisatie
SSRI medicatie tijdens en na de zwangerschap
Opname op afdeling verloskunde
Keizersnede
Inleiding van de bevalling
Tweeling-zwangerschap en andere meerlingen
Serotien, zwangerschap van meer dan 40 weken
Flesvoeding
Hoge bloeddruk, pre-eclampsie en HELLP syndroom tijdens en na de zwangerschap
Totaalruptuur
Gebroken vliezen tijdens de zwangerschap
Voeding voor de zwangere
Pijnbestrijding tijdens de bevalling
Wanneer contact opnemen en wat neem je mee voor de bevalling
Testen op HIV
Groep-B streptokok in de zwangerschap
Zwangerschapscholestase
Rechten in de zorg
Het maatschappelijk werk van het WKZ geboortecentrum
Premature weeën en premature geboorte
Stuitligging en versie
Zwanger en diabetes
Schildklierafwijkingen in de zwangerschap
Anesthesie bij een keizersnede
Bloedverlies tijdens een gevorderde zwangerschap
De baby voelen bewegen tijdens de zwangerschap
Bekkenpijn en bekkeninstabiliteit tijdens de zwangerschap
Beleidsplan Psychiatrie 2020
Weer thuis na de bevalling
Myomen (tijdens de zwangerschap)
Bloedgroep, rhesusfactor en irregulaire antistoffen
Kliniek A2 jeugd
Rigiditeit
Kliniek A3: Diagnostiek en psychose
Ruggenprik en toediening medicijnen
Perfectionisme
Duurzaamheid ervaringsverhalen
Jaarbeeld Urologie 2018
Diagnosedag in het Spieren voor Spieren kindercentrum
Samenwerkingen, juli 2019
Zorglijn A2 Acuut en Intensief Volwassenen
Het UMC Utrecht in 2018
Hersenbloeding bij een pasgeborene
Jaarbeeld 2018, Julius Centrum
Zwanger en een hoge body-mass index (BMI)
Research Code
Verpleegkundige kwaliteitsindicatoren
Over epilepsiechirurgie
Autisme
Beleidsplan Psychiatrie 2019
ODD en CD bij kinderen
Zorg en revalidatie na een Hersenbloeding
Vaktherapie
ADHD en Autisme Spectrum Stoornis in het onderwijs
Klinische behandeling bij ontwikkelingsstoornissen
Zorg bij traumatisch hoofd- en of hersenletsel
Medicatie bij ADHD
ADHD
Een hersentumor: onderzoek, opname, operatie en uitslag
Stemmen horen
Zorg en herstel bij een operatie aan de wervelkolom
Fysiotherapeutische adviezen bij een operatie aan de onderrug
Verpleegafdeling Affectieve en psychotische stoornissen
Fysiotherapeutische adviezen bij een operatie aan nek
Zorg en revalidatie na een herseninfarct
Polikliniek afdeling Psychiatrie
Dagdiagnostiek polikliniek Neuromusculaire Ziekten
Stemmen horen Jeugd
Elektroconvulsietherapie
Richtlijn Suïcide-preventie
Kwaliteitsstatuut afdeling Psychiatrie
Polikliniek Ontwikkelingsstoornissen
Zorgprogramma Prikkelverwerking
Meedoen aan onderzoek op de afdeling psychiatrie
Eendagsdiagnostiek
Banquetinggids 2020
Jaarbeeld Genetica 2018
Jaarbeeld OR 2017
Jaarbeeld Urologie 2017
Jaarbeeld Hart & Longen 2017
Jaarbeeld Vrouw & Baby 2015-2017
Het UMC Utrecht in 2017
Jaarbeeld Julius Centrum 2017
IT Board 2017
Jaarbeeld Genetica 2017
Jaarbeeld Urologie 2016
Jaarbeeld Cancer Center 2017
Innovatie in uitvoering
2016 in beeld, UMC Utrecht