Kolfmethoden

Kolfmethoden
Fase 1: de 1e dagen tot de melkproductie
op gang komt 

Gezonde kraamvrouw: 
Kolf minimaal 7 keer per dag. Kolf 15-20  minuten per keer. Lukt het niet om beide borsten gelijktijdig af te  kolven, bijvoorbeeld als u grote borsten heeft of ziek bent, kolf dan  iedere borst afzonderlijk 15 minuten. In de nacht kolven heeft het  voordeel dat uw hormoongehalte van prolactine hoog is. Dit zorgt voor  snellere en meer melkproductie. 

Het nadeel is de onderbreking van de  nachtrust, die soms erg hard nodig is voor goed herstel. Het hormoon  oxytocine dat vrijkomt met kolven (of voeden) maken de moeder ook weer  slaperig. Veel moeders slapen daarna weer diep door.

Bespreek samen met uw partner en verpleegkundige wat in uw situatie haalbaar en wenselijk is. 

Bedenk dat uw baby in de normale situatie ook in de nacht een voeding zou drinken. Kolft u in de nacht niet, laat de nachtpauze dan niet langer dan 6 uur achter elkaar duren.

Kraamvrouw met medische of psychische indicatie: 
Kolf minimaal 6 maal per dag. Kolf 15-20 minuten per keer. Lukt het niet om beide borsten gelijktijdig af te kolven, bijvoorbeeld als u grote borsten heeft of ziek bent, kolf dan iedere borst afzonderlijk 15 minuten. 

In de nacht kolven heeft het voordeel dat uw  hormoongehalte van prolactine hoog is. Dit zorgt voor snellere en meer  melkproductie. Het nadeel is de onderbreking van de nachtrust, die soms  erg hard nodig is voor goed herstel.

Bespreek samen met uw partner en  verpleegkundige wat in uw situatie haalbaar en wenselijk is. Bedenk dat  uw baby in de normale situatie ook in de nacht een voeding zou drinken.  Kolft u in de nacht niet, laat de nachtpauze dan niet langer dan 7 uur  achter elkaar duren.

Fase 2: de melkproductie neemt toe tot
volledig

Met een dubbele afkolfset
Kolf totdat de melkstroom afneemt en dan nog  1-2 minuten doorkolven: dit zal tussen 10 tot 20 minuten duren,  afhankelijk van het tijdstip waarop u kolft, het gemak waarmee u een  toeschietreflex heeft. 

Meestal hebt u ’s morgens meer melk dan in de loop van de dag. 

Met een enkele afkolfset
Kolf tot de melkstroom afneemt en daarna nog 1 tot 2 minuten doorkolven en dan wisselen van borst.

Of

Kolf tot de melkstroom afneemt en wissel dan  van borst. Dit herhaalt u 2 tot 3 keer. Deze manier is soms effectiever  om de borst beter leeg te maken.

Als de productie goed op gang is, kolf dan  minimaal 6 keer per dag, tenzij met een borstvoedingsdeskundige anders  is besproken. Ook nu geldt dat in de nacht meer melk gemaakt wordt en de  nachtpauze niet te lang moet duren.

Als uw borsten te vol raken beïnvloedt dat negatief het toeschietreflex en de productie.

De melkproductie is goed op gang als er na 2  weken 500-800 ml per 24 uur gekolfd kan worden. Voor een meerling gaat u  uit van het dubbele.

Fase 3: in stand houden van volledige
melkproductie

Moeder kan een eigen kolf plan maken op basis van dagritme. Interval tussen 2 kolfsessie niet langer dan 8 uur. 

Bij teruglopende productie vaker kolven of minder lange interval.

Wat te doen bij een krappe
melkproductie?

Dit advies is met name gericht op moeders die  (bijna) volledig kolven. Er zijn verschillende technieken mogelijk. Het  kan zijn dat de ene techniek meer bij u

past dan de andere. Om de productie te laten toenemen gaat u de zogenaamde “regeldagen” van een kindje aan de borst nabootsen. 

Het doel is om de productie te verhogen, maar  de inspanning gedurende deze dagen zelf is niet gericht op een zo groot  mogelijk aantal ml per kolfsessie. Het gaat om het afgeven van signalen  aan uw lichaam om meer melk te maken. U heeft enkele dagen nodig,  voordat u per 24 uur meer productie gaat zien. Pas de techniek

toe, die bij u past, voor 4-5 dagen en evalueer dan wat het effect is. Steeds starten met het opwekken van toeschietreflex!

Technieken bij krappe melkproductie

Techniek 1
Dubbelzijdig kolven: Dubbelzijdig kolven, totdat de melkstroom  afneemt. De borst kort masseren en verwarmen en daarna nogmaals kolven  starten. Totaal ongeveer 15-20 minuten kolven. Dit minstens 8 (in ieder  geval ieder 3 uur), maar bij voorkeur 9 tot 10 maal per dag (iedere 2 uur en in de nacht 1 maal).

Techniek 2
Wissel kolven: Enkel kolven, totdat de melkstroom afneemt en  dan wisselen van borst. Tijdens kolven massage van de borst. Iedere  borst komt dan 2-3 maal aan de beurt per kolfsessie. Je bent mogelijk 30  minuten bezig. 

Dit minstens 8 (in ieder geval ieder 3 uur), maar bij voorkeur 9 tot 10 maal per dag (iedere 2 uur en in de nacht 1 maal).

Techniek 3
Clusterkolven: Naast het eigen kolfritme één of twee maal  per dag ’n kolf uur. U start aan het begin van dat uur met 10-15 minuten  kolven. Dan rust u 10 minuten. Daarna weer 10 minuten kolven, gevolgd  door 10 minuten rust en eindigen met 10 minuten kolven. De rest van de  dag kolft u zoals u gewend was te kolven. 

Het is niet noodzakelijk tijdens dit kolf uur  het kolfset steeds schoon te maken, de flessen te wassen en de melk in  de koeling te zetten. Dit kan na afloop van het kolf uur.

Techniek 4
Clusterkolven: Eén maal per dag kolft u gedurende 3 uur  achter elkaar intensief. Iedere 30 minuten kolft u 5-10 minuten. U kolft  totdat de melkstroom afneemt. De rest van de dag kolft u zoals u gewend  was te kolven.

Techniek 5
Hands on pumping: Met deze manier van kolven zorg je door  massage voor een toename van de productie. Kijk voor meer  verduidelijking naar de volgende film 

In de praktijk brengen

Zorg voor een rustige omgeving.
Handen wassen en goed drogen.
Draai de kolfsetjes op de steriele of schone flesjes.
Bevestig de slangen aan het kolfapparaat.

De directe nabijheid van de baby kan de toeschietreflex bevorderen.
Masseer de borsten, stimuleer de tepels.
Plaats het kolfsetje zo dat de tepel goed in het midden zit.
Zet het apparaat aan op de minimale stand.

Langzaam aan de zuigkracht opvoeren tot de kolf goed trekt. Kolven mag geen pijn doen.
Flesje nooit helemaal vol kolven, pak op tijd een nieuw flesje (max ¾ vol).
Verbreek het vacuüm voorzichtig en kantel het borstschild iets naar voren. De melk stroomt dan het flesje in. Smeer na het kolven een druppeltje moedermelk  uit over de tepel en tepelhof en laat dit drogen. Dit werkt antiseptisch  en houdt de huid in goede conditie. 

Plaats op iedere flesje zowel op de dop als op het flesje de naam van uw kindje en de datum en tijdstip van afkolven.

De eerste 5 dagen plakt u ook een oranje/rode  sticker op de flesjes. Deze melk wordt als eerste aan uw kind gegeven.  Plaats de moedermelk zo snel mogelijk in de koelkast op de kraamafdeling of waar u kindje verblijft.

Kolfmethoden
Fase 1: de 1e dagen tot de melkproductie
op gang komt 

Gezonde kraamvrouw: 
Kolf minimaal 7 keer per dag. Kolf 15-20  minuten per keer. Lukt het niet om beide borsten gelijktijdig af te  kolven, bijvoorbeeld als u grote borsten heeft of ziek bent, kolf dan  iedere borst afzonderlijk 15 minuten. In de nacht kolven heeft het  voordeel dat uw hormoongehalte van prolactine hoog is. Dit zorgt voor  snellere en meer melkproductie. 

Het nadeel is de onderbreking van de  nachtrust, die soms erg hard nodig is voor goed herstel. Het hormoon  oxytocine dat vrijkomt met kolven (of voeden) maken de moeder ook weer  slaperig. Veel moeders slapen daarna weer diep door.

Bespreek samen met uw partner en verpleegkundige wat in uw situatie haalbaar en wenselijk is. 

Bedenk dat uw baby in de normale situatie ook in de nacht een voeding zou drinken. Kolft u in de nacht niet, laat de nachtpauze dan niet langer dan 6 uur achter elkaar duren.

Kraamvrouw met medische of psychische indicatie: 
Kolf minimaal 6 maal per dag. Kolf 15-20 minuten per keer. Lukt het niet om beide borsten gelijktijdig af te kolven, bijvoorbeeld als u grote borsten heeft of ziek bent, kolf dan iedere borst afzonderlijk 15 minuten. 

In de nacht kolven heeft het voordeel dat uw  hormoongehalte van prolactine hoog is. Dit zorgt voor snellere en meer  melkproductie. Het nadeel is de onderbreking van de nachtrust, die soms  erg hard nodig is voor goed herstel.

Bespreek samen met uw partner en  verpleegkundige wat in uw situatie haalbaar en wenselijk is. Bedenk dat  uw baby in de normale situatie ook in de nacht een voeding zou drinken.  Kolft u in de nacht niet, laat de nachtpauze dan niet langer dan 7 uur  achter elkaar duren.

Fase 2: de melkproductie neemt toe tot
volledig

Met een dubbele afkolfset
Kolf totdat de melkstroom afneemt en dan nog  1-2 minuten doorkolven: dit zal tussen 10 tot 20 minuten duren,  afhankelijk van het tijdstip waarop u kolft, het gemak waarmee u een  toeschietreflex heeft. 

Meestal hebt u ’s morgens meer melk dan in de loop van de dag. 

Met een enkele afkolfset
Kolf tot de melkstroom afneemt en daarna nog 1 tot 2 minuten doorkolven en dan wisselen van borst.

Of

Kolf tot de melkstroom afneemt en wissel dan  van borst. Dit herhaalt u 2 tot 3 keer. Deze manier is soms effectiever  om de borst beter leeg te maken.

Als de productie goed op gang is, kolf dan  minimaal 6 keer per dag, tenzij met een borstvoedingsdeskundige anders  is besproken. Ook nu geldt dat in de nacht meer melk gemaakt wordt en de  nachtpauze niet te lang moet duren.

Als uw borsten te vol raken beïnvloedt dat negatief het toeschietreflex en de productie.

De melkproductie is goed op gang als er na 2  weken 500-800 ml per 24 uur gekolfd kan worden. Voor een meerling gaat u  uit van het dubbele.

Fase 3: in stand houden van volledige
melkproductie

Moeder kan een eigen kolf plan maken op basis van dagritme. Interval tussen 2 kolfsessie niet langer dan 8 uur. 

Bij teruglopende productie vaker kolven of minder lange interval.

Wat te doen bij een krappe
melkproductie?

Dit advies is met name gericht op moeders die  (bijna) volledig kolven. Er zijn verschillende technieken mogelijk. Het  kan zijn dat de ene techniek meer bij u

past dan de andere. Om de productie te laten toenemen gaat u de zogenaamde “regeldagen” van een kindje aan de borst nabootsen. 

Het doel is om de productie te verhogen, maar  de inspanning gedurende deze dagen zelf is niet gericht op een zo groot  mogelijk aantal ml per kolfsessie. Het gaat om het afgeven van signalen  aan uw lichaam om meer melk te maken. U heeft enkele dagen nodig,  voordat u per 24 uur meer productie gaat zien. Pas de techniek

toe, die bij u past, voor 4-5 dagen en evalueer dan wat het effect is. Steeds starten met het opwekken van toeschietreflex!

Technieken bij krappe melkproductie

Techniek 1
Dubbelzijdig kolven: Dubbelzijdig kolven, totdat de melkstroom  afneemt. De borst kort masseren en verwarmen en daarna nogmaals kolven  starten. Totaal ongeveer 15-20 minuten kolven. Dit minstens 8 (in ieder  geval ieder 3 uur), maar bij voorkeur 9 tot 10 maal per dag (iedere 2 uur en in de nacht 1 maal).

Techniek 2
Wissel kolven: Enkel kolven, totdat de melkstroom afneemt en  dan wisselen van borst. Tijdens kolven massage van de borst. Iedere  borst komt dan 2-3 maal aan de beurt per kolfsessie. Je bent mogelijk 30  minuten bezig. 

Dit minstens 8 (in ieder geval ieder 3 uur), maar bij voorkeur 9 tot 10 maal per dag (iedere 2 uur en in de nacht 1 maal).

Techniek 3
Clusterkolven: Naast het eigen kolfritme één of twee maal  per dag ’n kolf uur. U start aan het begin van dat uur met 10-15 minuten  kolven. Dan rust u 10 minuten. Daarna weer 10 minuten kolven, gevolgd  door 10 minuten rust en eindigen met 10 minuten kolven. De rest van de  dag kolft u zoals u gewend was te kolven. 

Het is niet noodzakelijk tijdens dit kolf uur  het kolfset steeds schoon te maken, de flessen te wassen en de melk in  de koeling te zetten. Dit kan na afloop van het kolf uur.

Techniek 4
Clusterkolven: Eén maal per dag kolft u gedurende 3 uur  achter elkaar intensief. Iedere 30 minuten kolft u 5-10 minuten. U kolft  totdat de melkstroom afneemt. De rest van de dag kolft u zoals u gewend  was te kolven.

Techniek 5
Hands on pumping: Met deze manier van kolven zorg je door  massage voor een toename van de productie. Kijk voor meer  verduidelijking naar de volgende film 

In de praktijk brengen

Zorg voor een rustige omgeving.
Handen wassen en goed drogen.
Draai de kolfsetjes op de steriele of schone flesjes.
Bevestig de slangen aan het kolfapparaat.

De directe nabijheid van de baby kan de toeschietreflex bevorderen.
Masseer de borsten, stimuleer de tepels.
Plaats het kolfsetje zo dat de tepel goed in het midden zit.
Zet het apparaat aan op de minimale stand.

Langzaam aan de zuigkracht opvoeren tot de kolf goed trekt. Kolven mag geen pijn doen.
Flesje nooit helemaal vol kolven, pak op tijd een nieuw flesje (max ¾ vol).
Verbreek het vacuüm voorzichtig en kantel het borstschild iets naar voren. De melk stroomt dan het flesje in. Smeer na het kolven een druppeltje moedermelk  uit over de tepel en tepelhof en laat dit drogen. Dit werkt antiseptisch  en houdt de huid in goede conditie. 

Plaats op iedere flesje zowel op de dop als op het flesje de naam van uw kindje en de datum en tijdstip van afkolven.

De eerste 5 dagen plakt u ook een oranje/rode  sticker op de flesjes. Deze melk wordt als eerste aan uw kind gegeven.  Plaats de moedermelk zo snel mogelijk in de koelkast op de kraamafdeling of waar u kindje verblijft.

Over ons

'De beste zorg voor nu en in de toekomst'



Omdat ieder mens de beste zorg verdient, legt het UMC Utrecht de lat voortdurend hoog. Het resultaat: vernieuwende, toonaangevende behandelingen die beantwoorden aan de zorgbehoeften van nu en de toekomst. De bijzondere kennis die hiervoor nodig is, ontwikkelen we samen met patiënten(organisaties) en diverse partners. In teamverband werken we aan oplossingen voor grote, medische vraagstukken. Per individuele patiënt wordt gekeken welke behandeling bij hem of haar past. Alles wat wij doen, is erop gericht om mensen gezond te maken en te houden. En waar mogelijk ziekte te voorkomen.

Contact

U kunt algemene informatie opvragen over
het UMC Utrecht via:

E-mail info@umcutrecht.nl of via
Telefoonnummer 088 75 555 55
Website www.umcutrecht.nl

of vul het contactformulier hieronder in:
Vul je naam in
Vul een correct e-mailadres in
Vul een opmerking in
Bedankt, je bericht is verzonden.
Er ging iets mis met het verzenden van het formulier. Probeer het opnieuw.

Zoeken

Zoek via een zoekterm naar een pagina binnen deze publicatie.
Vul minimaal 3 karakters in.

UMC Utrecht

Bekijk hier alle publicaties die over en door het UMC Utrecht gemaakt zijn.

Over Epilepsiechirurgie
Slaapproblemen
Het UMC Utrecht in 2019
Overview Infection & Immunity 2019
FAG_PAG
Jaaroverzicht Genetica 2019
Zwanger van een (te) kleine baby
Voeding voor uw baby
Telebaby
Borstvoeding
Open ductus Botalli
Neonatale convulsies
Necrotiserende enterocolitis (NEC)
Idiopathic respiratory distress syndrome
Bronchopulmonale dysplasie
Fototherapie
Vaginale kunstverlossing
Zwangerschap & Bevalling
Sterilisatie
SSRI medicatie tijdens en na de zwangerschap
Opname op afdeling verloskunde
Keizersnede
Inleiding van de bevalling
Tweeling-zwangerschap en andere meerlingen
Serotien, zwangerschap van meer dan 40 weken
Flesvoeding
Hoge bloeddruk, pre-eclampsie en HELLP syndroom tijdens en na de zwangerschap
Totaalruptuur
Gebroken vliezen tijdens de zwangerschap
Voeding voor de zwangere
Pijnbestrijding tijdens de bevalling
Wanneer contact opnemen en wat neem je mee voor de bevalling
Testen op HIV
Groep-B streptokok in de zwangerschap
Zwangerschapscholestase
Rechten in de zorg
Het maatschappelijk werk van het WKZ geboortecentrum
Premature weeën en premature geboorte
Stuitligging en versie
Zwanger en diabetes
Schildklierafwijkingen in de zwangerschap
Anesthesie bij een keizersnede
Bloedverlies tijdens een gevorderde zwangerschap
De baby voelen bewegen tijdens de zwangerschap
Bekkenpijn en bekkeninstabiliteit tijdens de zwangerschap
Beleidsplan Psychiatrie 2020
Weer thuis na de bevalling
Myomen (tijdens de zwangerschap)
Bloedgroep, rhesusfactor en irregulaire antistoffen
Kliniek A2 jeugd
Rigiditeit
Kliniek A3: Diagnostiek en psychose
Ruggenprik en toediening medicijnen
Perfectionisme
Duurzaamheid ervaringsverhalen
Jaarbeeld Urologie 2018
Diagnosedag in het Spieren voor Spieren kindercentrum
Samenwerkingen, juli 2019
Zorglijn A2 Acuut en Intensief Volwassenen
Het UMC Utrecht in 2018
Hersenbloeding bij een pasgeborene
Jaarbeeld 2018, Julius Centrum
Zwanger en een hoge body-mass index (BMI)
Research Code
Verpleegkundige kwaliteitsindicatoren
Over epilepsiechirurgie
Autisme
Beleidsplan Psychiatrie 2019
ODD en CD bij kinderen
Zorg en revalidatie na een Hersenbloeding
Vaktherapie
ADHD en Autisme Spectrum Stoornis in het onderwijs
Klinische behandeling bij ontwikkelingsstoornissen
Zorg bij traumatisch hoofd- en of hersenletsel
Medicatie bij ADHD
ADHD
Een hersentumor: onderzoek, opname, operatie en uitslag
Stemmen horen
Zorg en herstel bij een operatie aan de wervelkolom
Fysiotherapeutische adviezen bij een operatie aan de onderrug
Verpleegafdeling Affectieve en psychotische stoornissen
Fysiotherapeutische adviezen bij een operatie aan nek
Zorg en revalidatie na een herseninfarct
Polikliniek afdeling Psychiatrie
Dagdiagnostiek polikliniek Neuromusculaire Ziekten
Stemmen horen Jeugd
Elektroconvulsietherapie
Richtlijn Suïcide-preventie
Kwaliteitsstatuut afdeling Psychiatrie
Polikliniek Ontwikkelingsstoornissen
Zorgprogramma Prikkelverwerking
Meedoen aan onderzoek op de afdeling psychiatrie
Eendagsdiagnostiek
Banquetinggids 2020
Jaarbeeld Genetica 2018
Jaarbeeld OR 2017
Jaarbeeld Urologie 2017
Jaarbeeld Hart & Longen 2017
Jaarbeeld Vrouw & Baby 2015-2017
Het UMC Utrecht in 2017
Jaarbeeld Julius Centrum 2017
IT Board 2017
Jaarbeeld Genetica 2017
Jaarbeeld Urologie 2016
Jaarbeeld Cancer Center 2017
Innovatie in uitvoering
2016 in beeld, UMC Utrecht