De eerste 24 uur na de operatie

Van de uitslaapkamer naar
verpleegafdeling D3 Oost

Na de operatie gaat u eerst naar de uitslaapkamer (verkoever/recovery) van de operatieafdeling. Hier komt u bij van de operatie en de narcose. Na twee tot vier uur en alleen wanneer u voldoende bent hersteld, brengt een verpleegkundige u naar de verpleegafdeling D3 oost. Wij houden hier uw hartslag, bloedsomloop en andere lichaamsfuncties nauwkeurig in de gaten. De verpleegkundige belt de eerste contactpersoon als u of uw naaste weer terug is op de verpleegafdeling. Bezoek is dan van harte welkom op de afdeling.

Plat liggen

U ligt afhankelijk van de ingreep- tenminste de eerst 6 uur na de operatie plat op uw rug: zo worden de kleine bloedende vaatjes in het operatiegebied dichtgedrukt. Hiermee verkleint de kans op een bloed-uitstorting. Daarna mag u onder begeleiding van de verpleegkundige draaien. Uiteindelijk kunt u zelfstandig van de ene op de andere zij draaien. De dag na de operatie mag u meestal weer opstaan en lopen.

Controles door de verpleegkundige

Zodra u terug bent op de verpleegafdeling controleert de verpleegkundige regelmatig uw wond, de bloeddruk, de polsslag en uw beenfuncties. Ook houden wij in de gaten of uw urineproductie weer op gang komt.

Pijn en/of misselijkheid

Het kan voorkomen dat u zich na de operatie misselijk voelt of pijn heeft. Als u zich erg misselijk voelt, vraag dan de verpleegkundige naar medicatie hiertegen. Pijn na een operatie is vervelend, maar wel normaal. De pijn kan wondpijn zijn, maar ook pijn in spieren of gewrichten of zenuwpijn.

De pijn moet echter wel acceptabel voor u zijn. Wij geven u een standaard hoeveelheid pijnmedicijnen. De verpleegkundige informeert regelmatig hoe het met u gaat. U geeft uw pijnbeleving dan een cijfer van 0 tot 10, dit noemen we pijnscore. Als de pijn te hevig voor u is, verhogen wij de pijnmedicatie.

De pijn neemt in de dagen na de operatie af en u bouwt de pijnmedicatie langzaam af. Soms duurt het een aantal maanden voordat u helemaal geen pijnstillers meer nodig heeft.

Trombose

De dag na de operatie geeft de verpleegkundige u een bloedverdunnende injectie (fragmin) in de buik of in het bovenbeen. U krijgt deze injectie één keer per dag tot u meer dan zes uur uit bed kunt. Dit doen wij om trombose (bloedstolling) te voorkomen. Als u al bloed-verdunnende medicijnen gebruikt, houden we daar uiteraard rekening mee.

Wonddrain, blaaskatheter en infuus

Mogelijk krijgt u na de opname te maken met één of meerdere hulpmiddelen. De meest voorkomende hulpmiddelen zijn:

Wonddrain
Op uw rug zit een pleister, eventueel voorzien van een wonddrain (een dun plastic slangetje). De wonddrain voert overtollig vocht en bloed af naar een plastic flesje of plastic zakje dat aan uw bed hangt. De verpleegkundige verwijdert de wonddrain de dag na de operatie.

Blaaskatheter
Soms krijgt u een blaaskatheter. Hiermee maken wij het u makkelijk: u hoeft dan niet van houding te veranderen om te urineren. De verpleegkundige verwijdert de blaaskatheter wanneer u weer zelfstandig kunt urineren.

Infuus
Een infuus is een plastic buisje in een ader. Dit wordt op de operatiekamer ingebracht en zorgt na de operatie voor vochttoediening en eventuele medicatie als pijnstilling of antibiotica. Wanneer u voldoende eet en drinkt, niet misselijk bent, verwijdert de verpleegkundige het infuus.

De eerste 24 uur na
de operatie
Van de uitslaapkamer naar
verpleegafdeling D3 Oost

Na de operatie gaat u eerst naar de uitslaapkamer (verkoever/recovery) van de operatieafdeling. Hier komt u bij van de operatie en de narcose. Na twee tot vier uur en alleen wanneer u voldoende bent hersteld, brengt een verpleegkundige u naar de verpleegafdeling D3 oost. Wij houden hier uw hartslag, bloedsomloop en andere lichaamsfuncties nauwkeurig in de gaten. De verpleegkundige belt de eerste contactpersoon als u of uw naaste weer terug is op de verpleegafdeling. Bezoek is dan van harte welkom op de afdeling.

Plat liggen

U ligt afhankelijk van de ingreep- tenminste de eerst 6 uur na de operatie plat op uw rug: zo worden de kleine bloedende vaatjes in het operatiegebied dichtgedrukt. Hiermee verkleint de kans op een bloed-uitstorting. Daarna mag u onder begeleiding van de verpleegkundige draaien. Uiteindelijk kunt u zelfstandig van de ene op de andere zij draaien. De dag na de operatie mag u meestal weer opstaan en lopen.

Controles door de verpleegkundige

Zodra u terug bent op de verpleegafdeling controleert de verpleegkundige regelmatig uw wond, de bloeddruk, de polsslag en uw beenfuncties. Ook houden wij in de gaten of uw urineproductie weer op gang komt.

Pijn en/of misselijkheid

Het kan voorkomen dat u zich na de operatie misselijk voelt of pijn heeft. Als u zich erg misselijk voelt, vraag dan de verpleegkundige naar medicatie hiertegen. Pijn na een operatie is vervelend, maar wel normaal. De pijn kan wondpijn zijn, maar ook pijn in spieren of gewrichten of zenuwpijn.

De pijn moet echter wel acceptabel voor u zijn. Wij geven u een standaard hoeveelheid pijnmedicijnen. De verpleegkundige informeert regelmatig hoe het met u gaat. U geeft uw pijnbeleving dan een cijfer van 0 tot 10, dit noemen we pijnscore. Als de pijn te hevig voor u is, verhogen wij de pijnmedicatie.

De pijn neemt in de dagen na de operatie af en u bouwt de pijnmedicatie langzaam af. Soms duurt het een aantal maanden voordat u helemaal geen pijnstillers meer nodig heeft.

Trombose

De dag na de operatie geeft de verpleegkundige u een bloedverdunnende injectie (fragmin) in de buik of in het bovenbeen. U krijgt deze injectie één keer per dag tot u meer dan zes uur uit bed kunt. Dit doen wij om trombose (bloedstolling) te voorkomen. Als u al bloed-verdunnende medicijnen gebruikt, houden we daar uiteraard rekening mee.

Wonddrain, blaaskatheter en infuus

Mogelijk krijgt u na de opname te maken met één of meerdere hulpmiddelen. De meest voorkomende hulpmiddelen zijn:

Wonddrain
Op uw rug zit een pleister, eventueel voorzien van een wonddrain (een dun plastic slangetje). De wonddrain voert overtollig vocht en bloed af naar een plastic flesje of plastic zakje dat aan uw bed hangt. De verpleegkundige verwijdert de wonddrain de dag na de operatie.

Blaaskatheter
Soms krijgt u een blaaskatheter. Hiermee maken wij het u makkelijk: u hoeft dan niet van houding te veranderen om te urineren. De verpleegkundige verwijdert de blaaskatheter wanneer u weer zelfstandig kunt urineren.

Infuus
Een infuus is een plastic buisje in een ader. Dit wordt op de operatiekamer ingebracht en zorgt na de operatie voor vochttoediening en eventuele medicatie als pijnstilling of antibiotica. Wanneer u voldoende eet en drinkt, niet misselijk bent, verwijdert de verpleegkundige het infuus.

De eerste 24 uur
na de operatie

Over ons

'De beste zorg voor nu en in de toekomst'



Omdat ieder mens de beste zorg verdient, legt het UMC Utrecht de lat voortdurend hoog. Het resultaat: vernieuwende, toonaangevende behandelingen die beantwoorden aan de zorgbehoeften van nu en de toekomst. De bijzondere kennis die hiervoor nodig is, ontwikkelen we samen met patiënten(organisaties) en diverse partners. In teamverband werken we aan oplossingen voor grote, medische vraagstukken. Per individuele patiënt wordt gekeken welke behandeling bij hem of haar past. Alles wat wij doen, is erop gericht om mensen gezond te maken en te houden. En waar mogelijk ziekte te voorkomen.

Contact

U kunt algemene informatie opvragen over
het UMC Utrecht via:

E-mail info@umcutrecht.nl of via
Telefoonnummer 088 75 555 55
Website www.umcutrecht.nl

of vul het contactformulier hieronder in:
Vul je naam in
Vul een correct e-mailadres in
Vul een opmerking in
Bedankt, je bericht is verzonden.
Er ging iets mis met het verzenden van het formulier. Probeer het opnieuw.

Zoeken

Zoek via een zoekterm naar een pagina binnen deze publicatie.
Vul minimaal 3 karakters in.

UMC Utrecht

Bekijk hier alle publicaties die over en door het UMC Utrecht gemaakt zijn.

Over Epilepsiechirurgie
Slaapproblemen
Het UMC Utrecht in 2019
Overview Infection & Immunity 2019
FAG_PAG
Jaaroverzicht Genetica 2019
Zwanger van een (te) kleine baby
Voeding voor uw baby
Telebaby
Borstvoeding
Open ductus Botalli
Neonatale convulsies
Necrotiserende enterocolitis (NEC)
Idiopathic respiratory distress syndrome
Bronchopulmonale dysplasie
Fototherapie
Vaginale kunstverlossing
Zwangerschap & Bevalling
Sterilisatie
SSRI medicatie tijdens en na de zwangerschap
Opname op afdeling verloskunde
Keizersnede
Inleiding van de bevalling
Tweeling-zwangerschap en andere meerlingen
Serotien, zwangerschap van meer dan 40 weken
Flesvoeding
Hoge bloeddruk, pre-eclampsie en HELLP syndroom tijdens en na de zwangerschap
Totaalruptuur
Gebroken vliezen tijdens de zwangerschap
Voeding voor de zwangere
Pijnbestrijding tijdens de bevalling
Wanneer contact opnemen en wat neem je mee voor de bevalling
Testen op HIV
Groep-B streptokok in de zwangerschap
Zwangerschapscholestase
Rechten in de zorg
Het maatschappelijk werk van het WKZ geboortecentrum
Premature weeën en premature geboorte
Stuitligging en versie
Zwanger en diabetes
Schildklierafwijkingen in de zwangerschap
Anesthesie bij een keizersnede
Bloedverlies tijdens een gevorderde zwangerschap
De baby voelen bewegen tijdens de zwangerschap
Bekkenpijn en bekkeninstabiliteit tijdens de zwangerschap
Beleidsplan Psychiatrie 2020
Weer thuis na de bevalling
Myomen (tijdens de zwangerschap)
Bloedgroep, rhesusfactor en irregulaire antistoffen
Kliniek A2 jeugd
Rigiditeit
Kliniek A3: Diagnostiek en psychose
Ruggenprik en toediening medicijnen
Perfectionisme
Duurzaamheid ervaringsverhalen
Jaarbeeld Urologie 2018
Diagnosedag in het Spieren voor Spieren kindercentrum
Samenwerkingen, juli 2019
Zorglijn A2 Acuut en Intensief Volwassenen
Het UMC Utrecht in 2018
Hersenbloeding bij een pasgeborene
Jaarbeeld 2018, Julius Centrum
Zwanger en een hoge body-mass index (BMI)
Research Code
Verpleegkundige kwaliteitsindicatoren
Over epilepsiechirurgie
Autisme
Beleidsplan Psychiatrie 2019
ODD en CD bij kinderen
Zorg en revalidatie na een Hersenbloeding
Vaktherapie
ADHD en Autisme Spectrum Stoornis in het onderwijs
Klinische behandeling bij ontwikkelingsstoornissen
Zorg bij traumatisch hoofd- en of hersenletsel
Medicatie bij ADHD
ADHD
Een hersentumor: onderzoek, opname, operatie en uitslag
Stemmen horen
Zorg en herstel bij een operatie aan de wervelkolom
Fysiotherapeutische adviezen bij een operatie aan de onderrug
Verpleegafdeling Affectieve en psychotische stoornissen
Fysiotherapeutische adviezen bij een operatie aan nek
Zorg en revalidatie na een herseninfarct
Polikliniek afdeling Psychiatrie
Dagdiagnostiek polikliniek Neuromusculaire Ziekten
Stemmen horen Jeugd
Elektroconvulsietherapie
Richtlijn Suïcide-preventie
Kwaliteitsstatuut afdeling Psychiatrie
Polikliniek Ontwikkelingsstoornissen
Zorgprogramma Prikkelverwerking
Meedoen aan onderzoek op de afdeling psychiatrie
Eendagsdiagnostiek
Banquetinggids 2020
Jaarbeeld Genetica 2018
Jaarbeeld OR 2017
Jaarbeeld Urologie 2017
Jaarbeeld Hart & Longen 2017
Jaarbeeld Vrouw & Baby 2015-2017
Het UMC Utrecht in 2017
Jaarbeeld Julius Centrum 2017
IT Board 2017
Jaarbeeld Genetica 2017
Jaarbeeld Urologie 2016
Jaarbeeld Cancer Center 2017
Innovatie in uitvoering
2016 in beeld, UMC Utrecht